• Meer trainingseffect met minder hulpen – wegwijs in hulpen

    Heb je ook wel eens het gevoel dat je verdwaalt in de enorme hoeveelheid hulpen die je geeft tijdens het paardrijden? Ophoudingen, zitten, licht maken, activeren, kuit aanleggen, binnenbeen, buitenteugel, meeveren… en zo nog veel en veel meer hulpen!

    Wat maakt nou dat je paard begrijpt wat jij bedoelt? En welke hulpen geef je eigenlijk allemaal aan je paard? Ben je altijd consequent in je communicatie naar je paard toe?

    Hier een klein testje om dit voor jezelf helder te krijgen:

    1. Kies eens een paar ‘opdrachten’ of ‘oefeningen’ uit die je regelmatig rijdt met je paard. Schrijf eens helemaal uit wat je doet. Wat zijn de hulpen die je geeft aan jouw paard zodat hij begrijpt wat je bedoelt? Bijvoorbeeld: Schrijf de hulpen voor ‘aan galopperen op de rechterhand’ eens op. Dit kun je ook doen met ‘wijken voor de linkerkuit’.
    2. Nummer elke hulp die je hebt opgeschreven en groepeer. Selecteer dus de hulpen waarvan jij vind dat ze bij elkaar horen. Bijvoorbeel: 1. ‘Ophouding buitenhand’ en 4. ‘Toestaan binnenhand’.
    3. Kun je de logica ontdekken? Hoeveel groepjes met hulpen heb je opgeschreven? Twee, drie, vier? Of meer dan tien misschien? Geef elke groep nu een naam. Bijvoorbeeld groep 1. Teugelhulpen.

    In dit eerste artikel over meer trainingseffect met minder hulpen maak ik je wegwijs in de verschillende hulpen die je gebruikt tijdens je dressuur training.

    In sport, ook bij het paardrijden, maak je gebruik van verschillende mate van bewustwording.
    Vond je het moeilijk bij de opdracht hierboven om alle hulpen voor ‘aan galopperen op de rechterhand’ op te schrijven? Misschien ben je dan nog onbewust van de hulpen die je geeft. Je geeft de hulp zo goed mogelijk, maar je weet nog niet goed te herhalen wat je nou eigenlijk deed.

    Hoe beter je bewust bent van wat je doet én wat je zou moeten doen, hoe beter jij je hulp duidelijk en consequent aan je paard kunt geven. Een paard houdt van voorspelbaarheid, en reageert hier ook heel goed op. Hoe specifieker en preciezer je hulp (altijd!), hoe fijner je paard zal gaan reageren op je hulpen.

    Welke verschillende hulpen gebruik je bij de dressuur? In principe kun je je hulpen onderverdelen in drie categorieën. (Had jij er ook drie bij bovenstaande opdracht?)

  • Gewichtshulpen

    De dressuur streeft ernaar om met minimale hulpen, maximaal resultaat te behalen.Daarom is het soms ook een beetje saai om naar te kijken (voor buitenstaanders die niets van paardrijden weten). Het lijkt alsof het paard het helemaal zelf doet!

    Gelukkig weten wij wel beter. Hoe meer de ruiter over ruitergevoel beschikt, hoe meer hij zal rijden met gewichtshulpen. Hoe hoger je paard geschoold is, hoe belangrijker deze hulpen worden. Je kunt je vast voorstellen dat er balans- en takt fouten ontstaan bij een ruiter die zit te wiebelen op een paard wat zijn best doet te verzamelen.

    Gewichtshulpen kun je ook weer onderverdelen. Onder andere in één en tweezijdige gewichtshulpen. Daarover een ander uitgebreid artikel!

  • Beenhulpen

    Op heel veel verschillende manieren kun je beenhulpen toepassen. Door je bovenbeen wat te ontspannen, en je onderbeen in het ritme van de beweging aan te leggen, vertel je je paard dat je wat meer activiteit van hem wilt.

    Het ontspannen laten hangen van je been is de beloning voor als je paard het goed doet.

    Blijf niet eeuwig drijven, kloppen, wiebelen, schoppen en prikken. Als je paard op de eerste kleine, en tweede duidelijkere hulp niet reageert, is er iets niet goed in de communicatie. Het oneindig herhalen van je drijvende kuit tegen zijn buik, zal er niet voor zorgen dat je paard na de 100ste keer toch besluit harder te gaan lopen. Je zal dus bij jezelf na moeten gaan of er niets anders is wat je óók naar je paard communiceert. Drijvende onderbenen in combinatie met klemmende bovenbenen en knieën zijn erg verwarrend voor je paard!

  • Teugelhulpen

    Teugelhulpen zijn de hulpen die via de teugel en het bit, in de mond van je paard terecht komen. (er even van uitgaande dat je met een bit rijdt)
    Ook kun je teugelhulpen gebruiken door de teugel tegen of juist van de hals van je paard af te houden.

    Teugelhulpen gebruik je onder andere om je hand lichter te maken, zodat je paard zijn nek en kaakgewricht kan ontspannen. Ook is het een ondersteunende hulp bij overgangen terug bijvoorbeeld.

    Er is nog een vierde hulp, namelijk de stemhulp. Die mag je officieel tijdens de dressuur proef niet gebruiken, daarom zet ik deze niet in het rijtje erbij.

    De gewichtshulpen, beenhulpen en teugelhulpen heb je in allerlei variaties. In een ander artikel ga ik hier per hulp op in, en vertel ik je precies hoe je ze kunt gebruiken en waarvoor!

    Kortom, om met minder hulpen meer trainingseffect te krijgen is het belangrijk dat je je bewust bent van de gewichts-, been- en teugelhulpen die je geeft en waar je ze voor gebruikt.