onzeker zonder instructie

Regelmatig hoor ik van leerlingen dat ze het lastig vinden om zelf met hun paard te trainen. Dat ze zich afvragen of ze het wel goed doen, als ze alleen in de baan zijn. “Hester, ik weet niet waar ik moet beginnen als ik zelf rijd” zei een cursist laatst. “Dan heb ik een plan, maar tijdens het rijden blijkt dat het probleem die dag ergens anders ligt. Wat moet ik dan doen? Moet ik me dan aan mijn plan houden? Of moet ik mijn plan bijstellen als mijn paard in het losrijden anders reageert dan ik verwacht had?”

Is dit herkenbaar voor jou? Dat je iets probeert in je training, maar dan toch maar weer stopt, omdat je niet zeker weet of je het wel goed doet? Dat je het lastig vindt om te kiezen hoe je de training verder aan gaat pakken? Dan heb ik een paar tips voor je.

Ik kom niet aan trainen toe met mijn paard

Als je onzeker wordt over de vraag of je wel op de juiste manier bezig bent, dan kom je al heel snel niet meer aan trainen toe. Je blijft dan een beetje in je comfortzone rondjes rijden. En dat is meestal niet zoals je had afgesproken met jezelf, of met je juf. 

De eerste stappen van het Skala

Instructeurs zijn opgeleid om een volgorde in de training aan te brengen. Ook voor ruiters is het fijn om zo’n volgorde bij de hand te hebben. Ik heb veel les gegeven op  instructeursopleidingen en ook beginnende instructeurs hebben hier soms moeite mee. Want waar moet je beginnen? Ik houd zelf altijd eerste drie stappen van het Skala (Skala der Ausbildung) aan, daarmee ben je al een heel eind. De meeste ruiters zeggen tegen mij: “Ik wil alleen maar dat hij ontspannen loopt”. Dat is natuurlijk een supervriendelijke gedachte, maar in het Skala is ‘ontspanning’ pas stap 2. Oftewel, als je alleen daarmee bezig bent, dan sla je stap 1 over. Stap 1 is takt en regelmaat. 

Paard moet voorwaarts zijn

Een paard kan pas ontspannen op het moment dat hij taktmatig en regelmatig door de baan loopt. Daarmee hangt direct samen dat hij onvoorwaardelijk positief moet reageren op je beenhulp. Als jij je been aanlegt en je paard gaat daarop naar voren, dan is dat is stap één. Wanneer je deze stap overslaat en alleen de ontspanning tot je doel maakt, dan doe je wat anders. Je rijdt dan op een manier die zegt tegen je paard: “ik kom niet aan jou en jij moet ook niet aan mij komen”. Het gevolg is dat je in je  rijden zó afwachtend wordt, dat een paard zelf gaat zoeken. Dan wordt het juist een moeilijke rit en zeker níet ontspannen.

Onvoorwaardelijk voorwaarts paard

Het is de bedoeling dat je paard onvoorwaardelijk aantrekt vanuit het achterbeen, wanneer jij een beenhulp geeft. Daardoor leert hij ook hierin te ontspannen.  Ontspanning is namelijk het resultaat van actief bezig gaan. Je kan niet passief gaan zitten afwachten tot de ontspanning bij je paard komt. Het is natuurlijk ook niet de bedoeling dat je je paard  als een malle door de baan gaat jagen. Maar hij moet wel reageren op je been. Let hierbij goed op: als je paard wel naar voren gaat, maar een beetje moppert, bijvoorbeeld zijn oren wat naar achteren doet, dan gaat hij misschien wel, maar is hij toch niet echt naar voren en niet onvoorwaardelijk aan je been. Dat heb je echt eerst nodig.

Ontspanning door inspanning en overgangen

Veel ruiters willen heel graag naar stap 2, dat hun paard ontspant. Maar daarvóór heb je dus stap 1 nodig. Zorg dat je paard voor je been naar voren gaat en rijd eventuele spanning weg. Dat doe je door overgangen te maken die van goede kwaliteit zijn. Je kan dit best een paar keer oefenen. Dus een paar keer aangalopperen, wat tempowisselingen rijden, een paar stap-draf overgangen. Dit is al een mooie houvast voor je training, iets dat je altijd kan gaan doen. Door het rijden van de overgangen en tempowisselingen, gaat je paard ontspannen en komt hij meer aan de hulpen. 

Van voorwaarts, naar ontspanning en aanleuning

Voorwaarts op je been, overgangen rijden en daarbij zacht contact houden met de mond van je paard. Dankzij deze contactteugel, kan je paard in verbinding ontspannen aan je hand komen en dan kom je uit bij stap 3: de aanleuning. 

Check dus altijd als je zelf rijdt: 

  • Is mijn paard aan mijn been?
  • Kan ik ontspannen?
  • Heb ik zacht contact?

Blijf bij je volgorde

Wanneer het eventjes niet lukt, of je het gevoel hebt dat je je paard ‘kwijtraakt’ gedurende de training, ga dan altijd terug naar dit lijstje. Los het in deze volgorde op. En wat vooral ook een heel goed idee is: download de demo-versie van mijn online programma. Daarin zitten ook audio’s die je op kan zetten tijdens het rijden. Dan begeleid ik je bij het trainen en heb je altijd een ‘juf in je oor’. 

Succes met oefenen!

Extra tip van Hester

De online training ‘Paardrijden met ruitergevoel’ leert je hoe je weer kan genieten van het rijden van je paard op een eerlijke manier. Met de kleinste hulpen leren jullie elkaar begrijpen. Nieuwsgierig?

Deel de inspiratie via social media en mijn blog via onderstaande links!

©Hester Bransen, Ruitergevoel 2021

Dit artikel mag je gebruiken voor tijdschriften en websites...

....en het kost niets! Het enige dat ik je vraag is om de volgende tekst toe te voegen aan het artikel (met een werkende link naar mijn website): "Door Hester Bransen van Ruitergevoel. Meer ruitergevoeltips zijn te vinden in het E-book ‘De vier elementen van een correcte houding en zit', dat je gratis kan aanvragen op www.ruitergevoel.com "

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *